Posts tonen met het label pompoen. Alle posts tonen
Posts tonen met het label pompoen. Alle posts tonen

donderdag 6 oktober 2011

Hondenbewustzijnsdag

We zaten in het verkeerde dorpje, afgelopen zondag. Echtgenoot en ik waren in Essex op zoek naar antieke meubelen maar hadden natuurlijk in Branford moeten zijn voor de jaarlijkse hondendag, of beter Hondenbewustzijnsdag (Dog Awareness Day). Helaas kom je daar dan pas achter wanneer je net in de zon op een terras bent gaan zitten voor een verfrissing en de “What to do in Connecticut this Fall” openslaat. In Branford was op dat moment een hondenparade aan de gang. Volgens het huis-aan-huiskrantje was de dag vorig jaar een daverend succes geweest. Met name de wedstrijd om wie de lelijkste hond heeft had veel toeschouwers getrokken. Een terugkerend succesnummer is het zegenen van de dieren door de dominee van de Branford Clergy Association. Het afgelopen jaar was daar een paard op afgekomen maar, werd ons verzekerd in het krantje, als je dier niet zelf kan komen, dan volstaat het ook om je baasje met je foto te laten langskomen. De dominee kon zich namelijk best voorstellen dat cavia’s, goudvissen en slangen een andere besteding van hun zondag voor ogen hadden. Ik vind het bijzonder vrijgevochten dat dominees tegenwoordig ook bereid zijn om slangen te zegenen. Er was ongetwijfeld een tijd in de geschiedenis dat dominees daar veel minder toe genegen waren. Kreeg Eva lang geleden geen erg slechte raad van een slang? Sterker nog, een paar honderd jaar eerder werden ratten, katten, bijen en andere dieren niet zelden geëxcommuniceerd of ter dood veroordeeld bij onbetamelijk gedrag. In 1510 werd een groep ratten berecht door de rechtbank in Autun voor het opeten en vernietigen van de graanoogst. Tenminste, dat was de bedoeling. De ratten reageerden nooit op de oproepen van de rechtbank. Hun advocaat Chassenee bepleitte dat dit geen kwade wil van de ratten was maar dat het Openbaar Ministerie er eerst maar eens voor moest zorgen dat de stad kattenvrij zou worden gemaakt zodat gedaagden veilige toegang tot de rechtbank zouden hebben. De zaak werd geseponeerd. In Falaise werd in 1386 een zeug op het stadsplein gevierendeeld. Ze had een klein kind gedood en gedeeltelijk opgegeten. Dat moet je ook niet doen. Haar zes biggen werd clementie verleend op grond van hun jeugdige leeftijd en hun moeders slechte voorbeeld. Jattende vossen werden regelmatig voor het gerecht gedaagd. Slangen hebben van oorsprong geen al te beste reputatie in het Christendom. In Branford houdt men echter van ieder dier.

Sommige dieren zijn op hun beurt niet geneigd om zich door een dominee te laten inzegenen. Zo is poes Elisabeth overtuigd atheïst (anders hadden we haar nooit uit het asiel gehaald) maar ik ken ook zat hindoeïstische dieren (koeien), boeddhistische (de meeste vissen en vogels behalve haringen, sprotjes en duiven) en anderzijds godsdienstig georiënteerde dieren (chihuahua’s voelen zich vaak aangetrokken tot Kabbalah, neushoorns tot Scientology).

En er zijn ook nog wel andere redenen te verzinnen waarom uw poedel, pekinees, Duitse herder of Belgische dwerghond anderzijds verhinderd zijn op de zondag.  Zondag is bijvoorbeeld de aangewezen dag voor Barking Buddha Doga, ook wel Yoga Doga, kortom, yoga met je hond. “Relaxing the world one dog at a time.” Vind maar eens een hond die tijd heeft voor een dominee wanneer hij allang in neerwaartse hond op zijn yogamat staat. Door het hart open te stellen in relatie tot uw hond, vinden u en uw hond een diepere plaats van verbinding van alle dingen des levens. Die diepere verbinding wordt door honden altijd gezocht omdat ze roedeldieren zijn. Het vinden van eenheid staat bij hen op de eerste plaats. Maar dat wist u al. 

Met name voor bulldogs lijkt me Pranayama ademhaling erg belangrijk. Deze diertjes komen vaak lucht tekort. Ik zie Elisabeth regelmatig in katpose maar zij weigert stelselmatig elke andere yoga houding (bij de neerwaartse hond kijkt ze meewarig op mij neer). Op de Savasana pose na dan. Dit is de laatste pose in yoga waarbij je langgestrekt op je rug op de grond ligt.


Niet elke hond is zo spiritueel aangelegd. U zult er dus ook genoeg vinden die hun poot optillen bij de gedachte aan yoga alleen. Zij gaan liever naar de sportschool voor wat cardiovasculaire training. Een beetje op de loopband en daarna door naar de kapper voor een knipbeurt. Een poedel in de Upper West Side in New York raadde me ooit Biscuits and Baths aan omdat ze vond dat ik er wat vreemd bijliep.

Gelukkig voor Echtgenoot en mij krijgen we komende zondag een herkansing. In Essex wordt dan de “Dogs on the Dock” gehouden. Om twee uur ‘s middags begint de hondenparade waarin vorig jaar 50 honden meeliepen. Daarna zijn er verschillende wedstrijden waaronder het beste kostuum, het beste nautische kostuum (de parade vindt niet voor niets op de kade plaats) en de beste baas/hond look-alike. Lezer, u weet waar u ons komende zondag kunt vinden.

Voor vandaag nog eenmaal een recept met pompoen. Er werd mij deze week specifiek om een recept voor pompoensoep gevraagd. Deze is heel eenvoudig en maak ik regelmatig. 

Voor zes personen

1 pompoen
1 moesappel
25 gr boter
1 ui, gesnipperd
2 tl kerriepoeder
9 dl groentebouillon
1 tl gehakte verse salie
1,5 dl troebele appelsap

Verwijder de schil en zaad van de pompoen en hak de pompoen in stukken. Schil de appel, verwijder het klokhuis en snijd ook deze in stukken.
Verhit de boter in een grote pan, voeg de gesnipperde ui toe en bak hem in 5 minuten zacht. Roer het kerriepoeder erdoor. Geef dit nog twee minuten. Voeg dan de bouillon, pompoen, appel en salie toe. Breng aan de kook, draai vervolgens het vuur laag, dek de pan af en laat alles 20 minuten pruttelen totdat de pompoen en de appel zacht zijn.
Pureer de soep met een staafmixer. Voeg vervolgens de appelsap en zout en peper toe. Warm opnieuw langzaam op zonder de soep te laten koken. 

donderdag 29 september 2011

Iced coffee pumpkin


Het is alweer bijna Halloween. Tenminste op 31 oktober is het zover. Maar de pepernoten (lees: pompoenen) liggen alweer in de winkel. Het is een feest dat ik, net zomin als carnaval begrijp, en je zult er wel mee opgevoed moeten zijn om het kunnen waarderen. Kleine gekostumeerde kabouters die aan de deur om snoep komen bedelen zijn natuurlijk snoezig maar in een stad als New Haven eerder regel dan uitzondering. Ik weet niet waarom ik zo afdwaal want waar ik het eigenlijk echt eens over wil hebben, zijn al die dingen waarvan je als Europeaan niet weet dat het Amerikaanse gewoonten zijn. Sommige zijn prettig en andere tenenkrommend. Zo wist ik van tevoren niet hoe complimenteus Amerikanen zijn. Ik wist dat ze enthousiast konden reageren (op het voor een Nederlander griezelige af). Ik wist niet dat mensen je zouden toeroepen vanaf de andere kant van de straat (en straten zijn hier ongeveer zo breed als de Kalverstraat lang is) dat ze vinden dat je er “cute” uitziet, noch heb ik me ooit kunnen indenken dat oude dames in supermarkten mijn hand zouden pakken om mijn ring te bejubelen. Al twee keer is er een auto voor mijn neus gestopt om me te vertellen dat ik een mooie broek aanheb. Het ging in beide gevallen om dezelfde broek dus dat zal wel waar wezen. 

Maar nu tot de kern van het verschil: Het Amerikaanse Koffiegebruik. Sta me toe om daar eens even lekker mijn hart over te  luchten. Het is als je het mij vraagt, èn je vraagt het me, walgelijk. Amerikanen drinken de hele dag koffie, ook wanneer het allang tijd is voor een goed glas wijn, port of (zelfs: ja, rond dat uur nog, geachte lezer) cognac. Daar is koffie niet voor bedoeld. Wat ik nog erger vind dan de overmaat van gebruik is de manier waarop de drank genuttigd wordt. Namelijk uit plastic of uit kartonnen bekers, meestal met een onhandig dekseltje erop. Dat dekseltje is op zijn beurt voorzien van een opening waardoor men de drank kan drinken. Negen van de tien keer valt dat deksel eraf terwijl je een slok neemt en de resterende keer brand je je bek.  Maar het gaat me hier niet eens om de praktische bezwaren (u kent mij bovendien niet als een al te praktisch mens). Ik vind het een proletarisch vliegtuiggebruik. De afschaf ervan staat wat mij betreft na vrouwenbesnijdenis en kinderarbeid op plaats drie van De Internationale Lijst Van Af Te Schaffen Gewoontes. Goede koffie drink je uit een mooi kopje. Of een lelijk kopje maar in ieder geval uit iets van aardewerk. En je gaat zitten om koffie te drinken. Al die “ik ben te druk en te belangrijk dus moet ik met een Starbucks beker met een onmogelijke koffiegleuf waardoor de helft van de koffie mijn decolleté in loopt de straat op”-mensen moeten maar eens leren normaal te doen. (Net zoals ik vind dat iedereen die met zijn hippe laptopje in de koffiebar zit te “werken” maar eens echt aan de slag moet gaan.) Dwaal ik weer af. Aan de andere kant kun je het mensen ook niet kwalijk nemen dat ze hun koffie in arren moede maar meenemen: Starbucks verkoopt een emmer koffie groter dan de inhoud van de gemiddelde maag. Hoe verstouwt men 916 ml koffie met een maag van een inhoud van 900 ml? Je kunt niet eeuwig blijven zitten. Hoe vindt men bovendien een mooi porseleinen kopje voor zoveel koffie? In hoofdlijnen komt het neer op een betoog tegen het tijdstip, de hoeveelheid en het soort koffie dat de Amerikaan drinkt. Iedereen die ooit in New York is geweest heeft zich vast wel eens verbaasd over de souplesse waarmee een Amerikaan een triple iced skim milked caramel mocha frappucino bestelt. Ik doe mezelf nog elke keer versteld staan als ik met ditzelfde gemak uit mijn eigen mond de woorden small decaf cappuccino with soymilk hoor rollen.

Ik weet heus dat ik me met mijn bestelling op het randje van het toelaatbare begeef maar Amerikanen gaan ver over alle koffiegrenzen heen. Het fenomeen “iced coffee” moet wel het summum van walgelijk zijn. Het gaat hier om een plastic emmer — en emmers zijn hier groot, kan ik u verzekeren — gevuld met koude koffie, aangevuld met ijsklontjes (Amerikaanse hoeveelheden ijsklontjes—er verdwijnen hele poolkappen in die emmers) en eventueel melk (soy, almond, rice, skimmed of gewone melk, of iets er tussen in, of van één of ander abnormaal dier) en een soort artificiële vorm van suiker (aspartaam, Nutrasweet, Sweet N Low of Splenda) waarvan je ongetwijfeld bij langdurig gebruik een enge ziekte krijgt (of hele grote voeten; zie één van mijn volgende blogs). Geurkaarsen hebben vast en zeker datzelfde effect. Een kaars mag een kamer geen vanillegeur geven. Dat is vies en kan niet goed zijn. Een zo overweldigende opeenstapeling van verwonderingen en ergernissen doen mij eens te meer afdwalen. Ik wilde dus nog maar één ding zeggen: als iced coffee al zoiets weerzinwekkends is, hoe kan ik me dan in vredesnaam verzoenen met de nieuwste “trend” van iced coffee pumpkin? IJskoffie met pompoensmaak?

Een veel beter recept met pompoen is Donna Hay’s risotto met pompoen en feta.  Ik heb haar kooktijden iets aangepast. Dit recept komt uit haar kookboek "New Food Fast" maar ze wilde hier wel heel snel door de bocht. De pompoen is niet in twintig minuten gaar! 

Voor vier personen:

500 gr pompoen (butternut squash, jap) geschild en in blokjes gesneden
olijfolie
zeezout en peper
1 liter kippen- of groentenbouillon
440 gr arborio (risotto) rijst
30 gr bieslook
30 gr geschaafde parmezaanse kaas
150 gr fetakaas

Verwarm de oven voor op 220 graden. Leg de blokken pompoen in een ovenschotel en vermeng met olie, zout en peper. Bak een half uur in de oven tot de pompoen zacht is. 
Ondertussen maak je de risotto. Dit is niets nieuws onder de zon. Maak in een aparte pan de bouillon, verwarm op middelhoog vuur en laat zachtjes pruttelen. In een andere pan (grote braadpan met deksel) verwarm je ondertussen wat olie. Voeg de rijst toe en roer een minuutje door totdat je de rijst enigszins doorzichtig ziet worden (in deze risotto zit dus geen ui!). Voeg wat bouillon toe, kleine beetjes tegelijkertijd. Voeg nieuwe bouillon toe wanneer de vorige lading door de rijst is opgenomen. Ga hiermee door totdat de rijst romig is en klaar. Voeg als de risotto klaar is, de parmezaan en pompoen toe. Een extra stuk boter kan nooit kwaad.. Draai er wat zwarte peper over. Verdeel de risotto over de borden en voorzie ze van een ruime hoeveelheid feta. Bestrooi de boel met flinke takjes bieslook. 

vrijdag 8 april 2011

Korianderzaad

zich vaak. Deze week over korianderzaad maar ook over de onverschilligheid van Amerikanen ten opzichte van eekhoorns (dat je ze overal ziet neemt toch niet weg dat ze schattig zijn?), de vrolijkheid van de Amerikaanse postbode, het optimisme dat de lente kan worden opgeroepen door slippers te dragen en het feit dat Amerikanen een pain au chocolat een chocolate croissant willen noemen. Vandaag dus korianderzaad, om preciezer te zijn; de weldadige verrijking die het geeft aan wortelen en pompoen. Wortelen en pompoenen zijn van huis uit niet de spannendste groenten. Aangenomen dat een tikkeltje melig en aan de zoete kant als niet-spannend mag worden geinterpreteerd. Ze staan in ieder geval niet in mijn toptien maar dat weerhoudt me er uiteraard niet van ze toch te bereiden en te eten. Deze week leidde dat tot de opmerkelijke conclusie dat deze groenten zich perfect verhouden tot korianderzaad. Deze geslaagde symbiose doet denken aan andere niet te versmaden combinaties; vijgen en parmaham, komijn en lamsvlees, oude kaas en mosterd, sardientjes en mayonaise en boter en alles. Het pakt de smaak op, gooit het vol wellust tegen de muur, en komt tot de conclusie dat beide smaken erop vooruit zijn gegaan. Heel anders dan die idiote tentoonstelling in het Rijksmuseum van jaren geleden; Rembrandt en Caravaggio. Twee briljante kunstenaars die werkelijk niets met elkaar te maken hadden en in elkaars nabijheid iedere smaak verloren.
Afijn, recepten.
Een simpele wortelsoep, ooit uit een tijdschrift gescheurd en gisteravond voor het eerst bereid.
1 el korianderzaad
25 gram boter
1 teentje knoflook, fijngesneden
1 kilo bospeen, geschrapt en fijngehakt
1 1/4 liter kippen- of groentenbouillon
3 el verse koriander
3 el creme fraiche
zout en versgemalen peper
geroosterd sesamzaad (om te garneren)
paar takjes koriander (om te garneren)
Voor zes personen.
Rooster het korianderzaad in een droge koekenpan. Als het begint te geuren is het klaar. Maal eventueel grof in een vijzel. Stoof de wortelen, de knoflook en driekwart van het korianderzaad een minuut of tien in de gesmolten boter. Voeg bouillon en zout en peper toe en breng aan de kook. Laat op laag vuur 15-20 minuten koken met het deksel schuin op de pan. Laat iets afkoelen en pureer doormiddel van de staafmixer. Giet er verse koriander en creme fraiche doorheen. Verwarm de soep opnieuw en serveer hem gegarneerd met creme fraiche, verse koriander, een beetje korianderzaad en sesamzaad.

RECEPT 2 Geroosterde pompoenen. Dit recept komt uit het eerste kookboek van Jamie Oliver, toen hij nog aspiraties bezat eruit te zien als George Best. Zie kaft van het boek.
Ook dit gerecht is voor zes personen. Ik haal daar tegenwoordig maar mijn schouders voor op. Ik pas recepten nooit aan aan de hoeveelheid mensen die ik voed (meestal zijn we met zijn tweeen) en alles gaat meestal wel op.
1 middelgrote butternut squash
2 tl korianderzaad
2 tl gedroogde oregano
1/2 tl venkelzaad (had ik niet in huis en werd niet gemist maar voor de volledigheid)
2 kleine gedroogde rode pepertjes
1 tl zout
1 tl peper
1 teentje knoflook
1 el olijfolie
Was de pompoen, snijd hem doormidden (snijd er aan een kant een kapje af en leg de pompoen op die kant, om het snijden gemakkelijker te maken). Schep met een grote lepel de zaden uit de pompoen. Snijd de pompoen in de lengte in vieren en snijd de kwarten in tweeen; je moet ongeveer 2 1/2 cm brede parten pompoen hebben. Leg ze in een schaal. Doe alle gedroogde kruiden en specerijen in een vijzel en stamp ze samen met het zout en peper tot een fijn poeder. Wrijf daarna de knoflook en de kruiderij door elkaar. Doe de inhoud van de vijzel bij de pompoen in de schaal en voeg er de olijfolie aan toe. Hussel goed zodat alle stukken pompoen met een laagje van het kruidenmengsel bedekt zijn. Leg de parten pompoen MET DE SCHIL naar beneden op een braadslee. Rooster ze ongeveer 30 minuten in een op 200 graden voorverwarmde oven. Dit zegt Jamie; denk eerder aan 40 minuten op 200 graden en dan nog een minuut of 8 lekker grillen (te denken dat iets op 200 graden geroosterd kan worden is mijns inziens een illusie). Het kruidige aroma dringt door tot in de pompoen en het pompoenvlees krijgt iets knapperigs. De grote verrassing zit hem in de schil; die karameliseert en wordt bijzonder lekker.
Eet smakelijk!